Wat nou hardlopen

Op Facebook zie ik steeds meer hardlopende vriendinnen voorbij komen. Stralend wuiven ze naar de camera als ze net een halve marathon hebben gelopen. Alsof ze een geweldige tijd hebben. Strak zijn ze, en gespierd, en ze zijn kilo’s kwijt. Dat wil ik ook wel, en die endorfine wil ik ook, maar hardlopen, dat gaat m niet worden.
Ik heb geen hardloopschoenen en geen hardloopgenen, mijn man wel, en mijn zoons, kilometers lopen ze, irritant blij en vrolijk, nog even een sprintje aan het eind, en dan komen ze zwetend weer binnen. ‘Heerlijk zeg.’
Laat mij maar zwemmen. Daar ben ik goed in.
Nou ja. Niet zo heel goed, eigenlijk. Ik doe bijna een uur over 80 baantjes borstcrawl. Zelf ben ik behoorlijk trots op mijn nieuwe PR. ‘2000 meter in 58 minuten en 59 seconden, beat that, Olivier!’ schrijf ik op Facebook.
‘2000 meter in 20 minuten,’ schrijft hij terug.
2000 meter zwemmen, dat is voor hem gewoon alleen maar inzwemmen. Of uitzwemmen, na een wedstrijd. Je drinkt een kopje thee, en hup, daar staat hij al weer, fris gedoucht.

Ik zwem wel, maar niet goed genoeg en niet vaak genoeg. Ik heb het te druk, vind ik zelf. Maar aan de andere kant, ik heb het zo druk dat ik een beetje op mijn gezondheid moet gaan passen. Ik zit te veel achter de computer. Ik eet te veel. Ik werk te veel. Misschien moet ik het gewoon nog één keer een kans geven, dat hardlopen.
Ik spring op de fiets en ga naar de enige sportwinkel van Haren. Ik speur tussen de schoenen in de uitverkoop, pak het enige paar schoenen in mijn maat (paars met roze, geen idee wat voor merk), pas ze en koop ze, snel, vóór ik me kan bedenken. Samen met een hardloopbroek, ook in de uitverkoop. En sokken zonder naden, niet in de uitverkoop, en veel te duur, maar volgens de verkoopster onontbeerlijk. ‘Je kunt het maar beter gelijk goed doen, toch?’
Voor het eerst in 30 jaar heb ik nieuwe hardloopschoenen, en het zou zonde van het geld zijn als ik ze niet zou gebruiken.

foto: Jakarta, NJIS fun-run 2008. Vind de 5 Makken.

Delen: