Tips

‘Ik ben een boek aan het schrijven. Kunt u mij tips geven?’
‘Kunt u mijn boek lezen om te kijken of het goed genoeg is?’

Ik krijg héél vaak vragen van kinderen die schrijver willen worden, en die zelfs al hard bezig zijn.
Jammergenoeg heb ik geen tijd om verhalen te lezen en te beoordelen. Anders kom ik zelf niet meer aan mijn werk toe.
Maar ik kan wel alvast wat tips geven. Want dat is een van de leuke dingen van schrijver worden. Je hoeft niet te wachten tot je twintig of dertig bent. (of veertig). Je kunt best beginnen als je tien of twaalf of vijftien bent. Of nog eerder.
Het is meestal niet zo dat je verhalen dan meteen al heel erg goed zijn.
Dit is een verhaal dat ik schreef toen ik zeven was.
McTips

Niet een verhaal waar ik trots op ben. Wel een verhaal dat ik bewaard heb. Omdat het erbij hoort. Het hoort bij het lange proces van schrijver worden.

Schrijven is een vak. Je moet het leren. Je hebt er tijd voor nodig. Er gaan heel veel uren in zitten voor je het goed kunt. Het is net als met viool leren spelen. Na een week oefenen kun je ‘altijd is Kortjakje ziek’ spelen. Echt mooi klinkt het nog niet, maar je vader en moeder vinden het vast prachtig. Toch zul je nog zo’n 10.000 uur moeten oefenen voordat niet alleen je vader en moeder, maar ook andere mensen het mooi zullen vinden. Zo mooi dat ze er geld voor zullen betalen om je te horen spelen. Zoveel tijd kost het om een prof te worden.
Je kunt die tijd niet overslaan. Je kunt niet ineens overspringen van beginner naar schrijver. Je moet door Kortjakje heen. Door de valse noten. Door de toonladders. Door de urenlange oefeningen en de uitvoeringen op de muziekschool.
Je moet die opstellen schrijven over onderwerpen die je niet zelf gekozen hebt. En verhalen waar je je een paar jaar later voor zult schamen. Je zult aan boeken beginnen en ze niet afmaken. Of je zult ze wel afmaken, maar ze zullen niet goed genoeg zijn om uitgegeven te worden.
Denk niet dat het tijdverspilling is. Het is oefenen. Je moet er doorheen om beter te worden. Om je droom te bereiken. Om schrijver te worden.

De hoogste tijd om te beginnen dus!
Wat kun je nu al doen?

Lees!
Je bent natuurlijk al lid van de bibliotheek. Lees zoveel je kunt. Leen niet alleen boeken van je favoriete schrijvers. Lees ook boeken van schrijvers die je nog niet kent. Lees dichtbundels. Avontuurlijke boeken. Boeken over waargebeurde dingen. Fantasieverhalen.
In sommige kranten staan recensies van kinderboeken. Kinderboeken worden besproken door echte vakmensen. Als een recensent een kinderboek goed vindt, ís het ook goed. Of vind jij van niet? Waarom niet? Zou je het zelf anders doen?
Een paar links:

Verzamel
Verzamel goeie ideeën. Waar je nu of later over wilt schrijven. Knip stukjes uit de krant, of maak een map aan op de computer. Veel schrijvers halen hun beste ideeën uit de krant. Soms hoef je niet zoveel te verzinnen, omdat de werkelijkheid al zo bijzonder is. (Neem bijvoorbeeld het verhaal uit ‘eiland aan de horizon’: het verhaal over drie kinderen die een schipbreuk overleven. Het is de hele wereld overgegaan. Ik vond het zo inspirerend dat ik meteen wist dat ik er een boek over wilde schrijven. Het is volgens mij een van mijn beste boeken geworden. Maar het verhaal heb ik niet zelf bedacht: het was er al).

Schrijf!
Schrijven leer je door het te doen. Door het heel veel te doen.
Schrijf brieven aan je oma! Schrijf in je dagboek. Of (als je een jongen bent) gewoon in een schrift of op de computer. Schrijf gedichten. Schrijf columns. Korte verhalen. Liedjes. Musicals. Toneelstukken. Ga bij de schoolkrant. Doe mee aan schrijfwedstrijden op internet of in de krant. Ga je eigen online familiekrant uitgeven.

Vraag om kritiek!
Jij hebt hard gewerkt aan je verhaal. Misschien heb je ervan wakker gelegen. Van de ideeën die door je hoofd flitsten. Van de stemmen die je hoorde praten. Je hebt het mooiste verhaal van de wereld geschreven. Het is niet leuk om te horen dat iemand het helemaal niet zo mooi vindt. Of niet zo leuk. Of niet zo interessant. Maar kritiek is het kostbaarste cadeau dat iemand je kan geven. Zelf zit je te dicht op je verhaal om te zien of het echt goed is. Je hebt anderen nodig. Mensen die meer afstand hebben.
Heb je een verhaal geschreven waar je blij mee bent? Laat het lezen aan je vader of moeder, je zusje, je vrienden of vriendinnen. Zeg dat ze eerlijk moeten zijn. Dat ze moeten zeggen wat ze er goed aan vinden, wat ze niet goed vinden en wat beter kan. Alleen zo kun je beter worden.

Goed. Nu weet je nog niks, natuurlijk.
Hoe doe je het? Hoe schrijf je een boek? Hoe pak je het aan? Een paar tips.

Aan het werk

  1. Bedenk wie je lezers zijn. Schrijf je voor kleuters? Voor meiden van 11 jaar? Of wil je dat jongens en meisjes het allebei leuk vinden? Pas je schrijfstijl aan aan je lezers.
  2. Bedenk wie je hoofdpersoon is.
    Zorg dat je je hoofdpersoon en zijn familie en vrienden leert kennen. Dat je weet hoe ze eruit zien. Wat voor karakter ze hebben.
    Je hoofdpersoon moet in je hoofd gaan zitten. Je moet weten hoe hij denkt. Hoe hij praat. Je moet hem voor je zien. Weten hoe z’n slaapkamer eruit ziet. Dat zijn fiets rammelt omdat er een spaak loszit. Dat er een stukje van z’n tand afgebroken is met voetbal.
  3. Wat is je plot? Waar gaat je verhaal over?
    Je hoeft het verhaal niet per hoofdstuk op papier te hebben (al zijn er schrijvers die dat wel het liefst doen), maar het is handig als je weet waarover je boek gaat. Neem de tijd om vóór je gaat schrijven te dromen. Om ideeën te bedenken. Om dingen uit te proberen. Een woordweb kan een handig hulpmiddel zijn.
  4. Bouw je verhaal goed op.
    McMindmap

Elk verhaal bestaat uit drie delen: een begin, een middenstuk en een slot.

Begin: Grijp je lezers bij de keel!

Dender je verhaal binnen. Zorg voor een flitsend begin. Voor actie!

Wat zou jij zelf leuker vinden om te lezen:

  • ‘Tamara, wakker worden,’ zegt moeder. Tamara gaapt. Ze heeft nog helemaal geen zin om uit bed te gaan. Maar het moet nou eenmaal. Zuchtend staat ze op.
  • Toen Tamara wakker werd, zag ze twee rode ogen, die haar aanstaarden vanuit het donker…

Wat is volgens jou een beter begin:

  • Justin trekt zijn jas aan, gaat naar buiten en pakt zijn fiets. Hij rijdt naar school.
  • Justin trekt de deur van de taxi open en springt naar binnen. ‘Snel!’ roept hij tegen de taxichauffeur. ‘Volg die auto!’

Je kunt je verhaal ook beginnen met dialoog. Een gesprek dus. Maar zorg dan wel voor een goeie dialoog. Grappig of spannend. Iets dat ervoor zorgt dat jouw lezer doorgaat met lezen!
Wat is jouw favoriet?

  • ‘Kom mee, jongens,’ zegt vader. ‘Het is zaterdagmiddag en de zon schijnt. Het is tijd voor een flinke boswandeling.’
  • ‘Jordi, snel! Kom mee! Juf Brouwer is in het aquarium gevallen!’
  • ‘Anne, ben jij dat? Wat is er gebeurd?’

Je kunt je verhaal ook beginnen met iets geks. Wat zou jouw lezers meer aanspreken?

  • Niels had nooit gedacht dat hij vioolspelen zo leuk zou vinden.
  • Niels had nooit gedacht dat kakkerlakken zo goed zouden smaken.

Zie je? Je voelt precies aan wat een goed begin is. Wat saai is, en wat niet. Als je dat aanvoelt, kun je het zelf ook.
Wat je ook doet, zorg ervoor dat je hoofdpersoon flink in de problemen raakt in het begin van je boek.

Middenstuk
Laat je verhaal niet inzakken. De problemen van je hoofdpersoon worden groter en groter!
Wil je dat jouw hoofdpersoon eindigt met de jongen van haar dromen? Zorg er dan voor dat alles helemaal misloopt tussen hen. Dat ze iets doet waardoor hij een vreselijke hekel aan haar krijgt.
Wil je dat jouw hoofdpersoon een boef ontmaskert? Zorg ervoor dat hij achter de verkeerde aanzit. Of dat hij wordt gekidnapt en opgesloten. Zitten je hoofdpersonen vast op een onbewoond eiland? Laat de laatste kokosnoot dan kapot vallen, zodat er geen eten en drinken meer is. Of laat ze er om vechten. Niks is erger dan een saai middenstuk.

Slot
Als je hoofdpersoon z’n problemen oplost, zorg er dan voor dat het niet te makkelijk gaat. Tijdens een vuurwerkshow wordt het mooiste, meest spectaculaire vuurwerk voor het laatst bewaard. Een goochelaar eindigt zijn show met zijn allerbeste truc. In een spannend boek moet het slotgedeelte het allerspannendst zijn.

Een boek hoeft niet altijd goed te eindigen. Misschien lost je hoofdpersoon zijn problemen wel níet op. Misschien gaat er wel iemand dood.
Toen ik een boek over de tsunami schreef, kon ik het verhaal niet goed af laten lopen. Dat zou niet geloofwaardig zijn. Maar als schrijver probeer je er dan wel voor te zorgen dat je lezer een beetje hoop krijgt. Dat er toch íets is dat goed is. Iets waardoor je met hoop naar de toekomst kunt kijken.

Nog een paar tips:

  • ‘Een verhaal is als een slang die in zijn staart bijt.’ Zorg dat het eind van het verhaal aansluit bij het begin.
  • Kies je perspectief: denk, praat en doe vanuit je hoofdpersoon. Jij kunt niet in het hoofd van je vriendin of vriend kijken. Je hoofdpersoon kan dat ook niet.
  • Vertel me niet dat meneer Hofstede een gemene leraar is, of dat het er heel armoedig uitziet bij de arme mevrouw De Groot. Laat het me zien. Laat het me voelen. Wat vind jij beter?
    • Meneer Hofstede is een gemene leraar. Het lijkt wel of hij het leuk vindt om straf uit te delen.
    • Meneer Hofstede komt steeds dichterbij. Zijn ogen flikkeren. ‘Aha! Je was niet toegekomen aan je huiswerk. En wat was de smoes vandaag? Je moeder was ziek?’ Hij glimlacht als hij zijn beide handen op Anna’s tafel legt. Anna slikt. Ze moet iets zeggen. Nu. Ze moet vertellen dat het echt niet ging, dat haar moeder gisteren…
      Op dat moment slaat meneer Hofstede met zijn platte hand op tafel, zo hard dat Anna achteruitdeinst. Het is doodstil in de klas als hij vervolgt: ‘Ik hóóp dat je vandaag met wat beters komt. Sta op. Kom met me mee. Ik wil dat iedereen het kan horen.’

Workshop
Via Google kun je veel schrijftips vinden. Je kunt via internet schrijfcursussen doen. Er zijn sites waar je je verhaal online kunt zetten, zodat anderen het kunnen lezen.
Of je kunt mij via www.sss.nl op je school uitnodigen voor een schrijfworkshop. Dan gaan we samen aan het werk met jouw verhaal.

Veel succes! Schrijf!

 

  • laura

    handige tips!!!!!!!

  • fem

    handig!! dank u!!

  • Marit

    heel erg bedankt, dit is zijn erg goede tips!!!