Interview met Corien Oranje naar aanleiding van de toekenning van de boekenprijs Het Hoogste Woord.
Door Sophia Geuze, Nederlands Dagblad 11 september 2007.

 

Hoogste-Woord winnares bruist nog van ideeën

De veelzijdige schrijfster Corien Oranje kreeg de christelijke kinderboekenprijs Het Hoogste Woord voor Storm in bad. Corien en haar gezin zijn net terug in Jakarta waar zij en haar man werken. Ze kan de prijs daardoor niet zelf in ontvangst nemen zaterdag op de BCB-beurs in Zwolle. ,,Mijn moeder, die redacteur en journalist was, gaat mij vertegenwoordigen. Dat vind ik heel leuk. Ze was altijd mijn grote voorbeeld.’’ Verder vindt Corien het belangrijk dat illustratrice Willeke Brouwer de eer krijgt die haar toekomt. ,,Zij heeft het boek gemaakt tot wat het is.’’

Storm in bad gaat over een drieling. Je hebt zelf ook een drieling. Zijn de verhalen echt gebeurd?
,,Er zitten wel érg veel dingen in die echt gebeurd zijn. Dat glijden in bad natuurlijk. De verontwaardiging van een van mijn zoons over die opa en oma die spinazie gingen koken van echte blaadjes. En hoe ze tijdens de kerkdienst altijd maar naar de wc wilden. Eerst één. En dan de volgende. En daarna de derde. Terwijl mijn man Dick op de preekstoel stond en ik wéér door die deur langs de preekstoel de kerk uitmoest. Ze hebben de kraan wel eens aangezet, terwijl ze hun broertje hadden verteld de tuinslang in z’n oor te stoppen. Tom, Job en Wout lijken behoorlijk veel op mijn eigen kinderen. En de moeder is de moeder die ik had willen zijn en hopelijk ook wel eens was.’’

Je eigen kinderen zijn niet meer in de kleuterleeftijd. Na Storm in bad kwam Een ongelukje kan gebeuren. Is het nu afgelopen met de boeken voor kleine kinderen?
,,Nee, Willeke Brouwer is weer hard bezig met een nieuw prentenboek over Supersem. Superridder heet het. We hebben hetzelfde gevoel voor humor en allebei ondernemende, eigenzinnige kinderen. Alleen al om met Willeke te kunnen blijven samenwerken, zou ik ermee doorgaan.’’

Je laatste boek gaat ook over een drieling, Zoenen met een beugel. Daarin is Sasha de hoofdpersoon. Hoe kom je aan inspiratie voor haar?
,,Het is een combinatie van het expatleven in Jakarta, de dingen die je als buitenlander opvallen én twaalf zijn. Als ik zit te schrijven, ben ik gewoon twaalf en schrijf ik precies wat Sasha denkt. En verder ligt de inspiratie hier natuurlijk voor het oprapen: de vogelgriep, de kloof tussen rijk en arm, overstromingen, de hitte, het wonen in een wereldstad, de chaos in het verkeer.’’

Heb je er bewust voor gekozen boeken voor jongens en boeken voor meisjes te schrijven?
,,Meestal schrijf ik boeken over jongens omdat jongens niet snel een boek pakken waarin een meisje de hoofdrol speelt. Maar er komt altijd wel een meisje in voor dat ook een belangrijke rol speelt.’’

Jullie wonen in Jakarta. Toch komen jouw boeken heel Hollands over. Hoe speel je dat klaar?
,,Nederland zit aardig in mijn hoofd. Tijdens het schrijven bén ik voor mijn idee ook in Nederland. Ik wandel rond door Kampen, ik fiets door Heerenveen. En ik download plattegronden en foto’s van internet en ik vraag mensen het hemd van het lijf. Tijdens onze vakantie zijn we voor het eerst op de kinderboerderij in Kampen geweest, waar ik in Paard ontvoerd over geschreven heb. Het zag er gelukkig heel vertrouwd uit.’’

Hoe blijf je bij wat betreft de moderne communicatiemiddelen?
,,Alle communicatie in Jakarta verloopt via sms. Onze kinderen msn’en, mailen en chatten en ik heb neefjes en nichtjes van wie ik leer wat voor taalfouten ik moet maken tijdens het msn’en.’’

Je kies voor onderwerpen die bij veel kinderen leven. Bijvoorbeeld paarden (Paard ontsnapt) of voetbal (De Superfriezen). Doe je dat bewust?
,,De paardenboeken waren het idee van Grietje Zuidema van Callenbach Ik wist niets van paarden. Gelukkig heb ik een vriendin die alles over deze dieren weet. En ik zoek natuurlijk informatie op internet. Ik wilde een stoer paardenboek schrijven. Dat is ook leuk voor jongens. Dus het werd een boek waarin een paard uit het slachthuis ontsnapt en gered wordt. Ik heb nu een boek geschreven over een paard dat artrose in z’n knieën heeft, Het paard van Sinterklaas. Ik was ook nooit zo’n voetbalfan. Het leek mij maar niks, elke zaterdagmorgen bij het veld staan kleumen. Maar mijn zoons gingen hier in Jakarta op voetbal. Ik zag hoeveel emotie voetbal oproept en hoe leuk het kan zijn. Toen ik vorig jaar september bij mijn zus in Heerenveen was en mijn neefjes mij lieten zien waar de sc Heerenveenvoetballers woonden (‘kijk, dit is het huis van Petter Hansson!’), wist ik dat de boeken daar zouden moeten spelen. In een stad waar de topvoetballers gewoon bij je in de straat wonen, een balletje meetrappen met de kinderen en het helemaal geen probleem vinden als er wéér een jongen aanbelt voor een handtekening. Ik ben met mijn neefjes bij een training van sc Heerenveen geweest en heb een rondleiding gekregen door het Abe Lenstrastadion. Ik heb keeper Brian Vandenbussche ontmoet. Hij speelt een rol in mijn nieuwe voetbalboek. Wist je dat er kinderen van twaalf jaar uit IJsland gescout worden en in Heerenveen een voetbalopleiding krijgen? Daar ga ik ook nog eens over schrijven.’’

Veel van je boeken komen uit in een serie. De boeken over de drieling Job, Tom en Wout, over Sasha, de Superfriesen, de Misdaadmonsters en Supersem. Wat is daar het voordeel van?
,,Het leuke is dat je de kinderen leert kennen. Je bedenkt ze en ze gaan zelf een eigen leven leiden. Als ik dan een nieuw boek begin, staan ze ineens weer voor mijn neus. Ik hoef geen huizen meer te bedenken, geen vaders en moeders. Ik hoef de kinderen alleen maar hun gang te laten gaan. En ze zo nu en dan bij te sturen. Maar het is lastig om ze los te laten. Er zijn regelmatig kinderen die vragen of er nog meer boeken van de Misdaadmonsters komen. ‘De Misdaadmonsters zitten nu op de middelbare school,’ schrijf ik dan terug. ‘Die hebben geen tijd meer om te speuren.’ Maar ik mis ze soms wel.’’

Je hebt inmiddels voor alle leeftijden geschreven? Gaat die opbouw gelijk op met de leeftijd van je kinderen?
,,Ja, ik groei met mijn kinderen mee. Het is makkelijk om je te verplaatsen in de gedachtewereld van je eigen kind. Ik kon me eerst niet voorstellen dat ik een boek zou schrijven voor kinderen boven de twaalf. Maar dat vind ik nu misschien wel het leukst.’’

Ik las in een interview op je website dat je ook bezig bent met een boek voor volwassenen. Hoe staat het daarmee?
,,Slecht, heel slecht. Het ligt helemaal stil. Ik kom er maar niet aan toe. Maar ik zou heel graag iets Mary Stewart-achtigs willen schrijven.’’

Leg de prijs die je zaterdag krijgt een last op je schouders voor een volgend boek?
,,Ik geloof het niet. Het is al zo lang geleden dat ik Storm in bad geschreven heb. En ik dacht zelf dat De dag van de golven beter was. Hoewel, ik moest er pas weer doorheen voor een tweede druk en dan zie je alle onvolkomenheden. Zinnen die ik nu anders zou formuleren.’’

Je bent heel veelzijdig. Je schrijft voor kleuters, onderbouw en bovenbouw. Over alledaagse dingen (Slaappoeder), actieboeken (De Misdaadmonsters), over de tsunami (De dag van de golven) en een waar gebeurd verhaal (Eiland aan de horizon). Wat zou je graag nog doen op schrijfgebied?
,,Ik ga een midithriller voor uitgeverij Columbus schrijven. Ik heb ideeën voor een boek dat in de toekomst speelt. Ik wil eindelijk die roman eens schrijven. Maar eerst moet ik een bijbels dagboek voor kinderen, een boek dat op Papua speelt en nog het een en ander afmaken.’’

Welk genre heeft je voorkeur?
,,Een boek waar ik zelf heel blij mee ben, is Eiland aan de horizon. Zo’n boek zou ik graag weer willen schrijven. Eigenlijk kan ik niet kiezen. Ik vind alles leuk om te doen.’’